zondag 25 juni 2017

Buckland Abbey en Lostwithiel Town

Beste vrienden volgers,

We rijden over Salisbury Plains richting Cornwall. Af en toe klettert er een flinke regenbui over ons heen. De plains moeten wel een beetje groen blijven. Bij Stonehenge is het even droog en kunnen we  onze camera uit het raam hangen voor een fotootje. Het is geheel van gevaar ontbloot, want we bewegen ons stapvoets in een kijkfile.



We passeren achtereenvolgens de graafschappen Hampshire, Wiltshire, Somerset en Devon en rijden bij Plymouth Cornwall binnen.

Vlakbij Plymouth ligt Buckland Abbey. Een National Trust Home met een interessante historie. Het is in de middeleeuwen gebouwd als Cistercienzer klooster, en in de zestiende eeuw verbeurd verklaard door Henry VIII. Onze Henry had zijn buik vol van de katholieke kerk en stichtte zelf de Anglicaanse kerk. En passent pikte hij alle rijke bezittingingen van de papen in Engeland in. Lord Grenville mocht Buckland Abbey kopen, en die verbouwde het tot een estate. In de kloosterkerk werden verdiepingen ingezet, en ramen doorgebroken.

Toen Sir Francis Drake terugkwam van zijn zeiltocht rond de wereld lag zijn schip de Golden Hind diep  in het water van de geroofde Spaanse schatten. De zilveren munten moesten als ballast gestort worden, anders paste het allemaal niet. Sir Francis was nu een rijk man en kocht Buckland Abbey van Grenville (hij was in de buurt geboren). Het is tot de 20e eeuw in bezit gebleven van de familie Drake.




Binnen is er van alles te zien, Tudor kamers met opeens een middeleeuwse boog in de hoek, de oude Tudor keuken, licht en gezellig. Er is een expositie over de tochten van Drake, met het gipsen model van het standbeeld van Sir Francis dat in Plymouth schijnt te staan. Er hangt zelfs een echte Rembrandt  (men dacht lange tijd toch aan Govaert Flinck). De suppoosten zijn als altijd vriendelijk en spraakzaam.

De tuinen en het parkland zijn een lust voor het oog. Er is een formal garden dicht bij het huis, een kitchen garden iets verderop. Verder een cider house garden en een wild garden met rhodonendrons groot als bomen (dat zijn het ook).



Tenslotte arriveren we over een middeleeuwse brug in het plaatsje Lostwithiel, waar we in The Globe hebben gereserveerd. Onze kamer bevindt zich boven de gelagkamer en is voorzien van het koperen spijlenbed waarin Queen Victoria nog heeft overnacht. De vloeren lopen zo scheef als de dekken van de Golden Hind.



Het was handig geweest om voor de pub te reserveren, want tegen etenstijd is ie afgestampt, en voor de rest is er alleen nog een afhaalchinees open. Geen nood, bij de Coop halen we vers brood, gerookte zalm en een tube mayonaise, en gaan picknicken aan de riviertje de Fowey, vlak onder de Middeleeuwse brug.  
We schenken er een mooie Pelegrino bij in plastic bekertjes. En het zonnetje laat zich ook nog even zien.     




Geen opmerkingen:

Een reactie posten