Beste vrienden en volgers,
De laatste aflevering alweer van dit blog Come to Cornwall.
Zoals gezegd zitten we een uurtje rijden van de ferry, en kunnen we op ons gemak opstaan, ontbijten en nog even door Wye wandelen. Er is hier vandaag een country fair, een zonnetje en veel leuke Engelse cottages. Van de laatste ponden kopen we nog snel wat potjes Coleman’s mustard. De volgende keer nemen we wat meer tijd in Kent, want het is hier beeldschoon.
Voor we op de ferry mogen, staan we opgesteld in lane 42 (our lucky number). De wagen voor ons is een Engelse Mini met vouwdak en vier passagiers. De bestuurder (met strooien hoedje) vermaakt de omstanders kostelijk met verwoede pogingen het vouwdak open te krijgen. Dat gaat gepaard met het overhevelen van teveel koffers uit de kleine kofferbak naar de volle achterbank, gewurm aan knopjes en af en toe een slok koffie uit een kartonnen beker. Maar uiteindelijk lukt het. En de grootste koffer zit nu met elastiek aan de rolbeugel geklungeld. Met brede grijns en nog net geen buiging voor het dankbare publiek.
De ferry stampt op zijn gemak in een waterig zonnetje het kanaal over en we arriveren behouden in Duinkerken. Daar mengen we ons nog even tussen het samedi-apresmidi-hypermarche-publiek in de Auchan. We scoren wat stoute blikjes foie gras en wat Elzasser wijn. En de twee grootste artisjokken die we ooit gezien hebben. Dat wordt smullen thuis!
Beste vrienden en volgers, bedankt voor het lezen weer en tot de volgende keer. Wellicht gaan we de kant van York op. Of Lake District. Of Ierland. Of Wales.


